Blik op Bleijenbeek – juli 2022

Zwijgend keken ze me aan. Afwachtend. Toch voelde de sfeer goed, kon niet echt iets van woede of onrust bespeuren, maar je weet het nooit helemaal zeker met de eeuwenoude bewoners van Bleijenbeek. Maarten zag ik niet; ik had zo’n idee dat hij niet ver weg was. Plotseling ontstond er reuring, een kakofonie van geluiden en gebaren. “Wacht, niet allemaal tegelijk, hier versta ik helemaal niets van, ik ben maar een gewone sterveling.” Ineens werd het stil in de Ridderzaal, doodstil. Vanuit de donkerte leek ze als een prima donna naar voren te zweven, iedereen ging op zij om haar door te laten. Daar was ze, in alle glorie, vrouwe Maria van Gelder, het lief van ons Maarten. Wat een charisma! Haar uitstraling doet me elke keer weer verstillen. De intens stralende smaragdgroene ogen kijken tot ver in mijn ziel. Ik voel me klein, een overjarige puber met vlinders in z’n buik; ze glimlacht en even is het alsof de wereld stilstaat. Naar buiten kijkend lijkt het alsof de bomen niet meer bewegen en, net als ik, hun adem inhouden. Het universum verstart, de tijd lijkt compleet verdwenen. Dan verbreekt ze de betovering; met haar stem vult ze het hele kasteel met zoete, kristalheldere klanken. “Wij, de Bleijenbekers, zijn ontzettend blij vandaag omdat we genieten van alle verbeteringen en aanpassingen in ons Huis; licht in de donkere keldergewelven en toiletten, wat een luxe! Wij, de Schenken van Nydeggen en de Van Hoensbroecken zijn jullie veel dankbaarheid verschuldigd. Om het te vieren geven we een groot feest, een galabal! Muren zullen na lang weer schudden, de vloeren zullen buigen onder onze zwierige dansen, Bleijenbeek zal weer in het middelpunt van de wijde omgeving staan. De koetsen van de vele gasten zullen het zand in de Spieghellanen doen stuiven, dampende paarden zullen het binnenplein in een wasem zetten van geuren en kleuren. De oude tijden keren voor even weer terug”. “Gij, lieve vriend, ging ze vervolgens verder, bent van harte uitgenodigd, gij zult zelfs onze eregast zijn. Maar als sterveling gaat dat natuurlijk niet lukken of ge moet… uh, uit uw aardse leven stappen.”
“Lieve vrouwe, ik dank u voor de uitnodiging maar ik wilde hier toch liever nog even mee wachten. Ik heb hier nog veel te doen zodat jullie in de toekomst kunnen blijven feesten. Maar, als de tijd ook voor mij daar is, zou ik het een eer vinden om aan te schuiven aan uw tafel zodat we samen kunnen klinken op ons geliefde Bleijenbeek.” “Dan wachten we daar op, gij zult in ons Huis een welkome gast zijn. Nu moet ik helaas afscheid nemen want de voorbereidingen van het bal vergt een hoop werk. Gegroet lieve vriend”, klonk het uit de verte. Ik was weer alleen.
Natuurlijk hebben de Bleijenbekers gelijk, er is de laatste tijd veel gebeurd. In de oostelijke kelderingang is het toilet en urinoir klaar. Er is een klein keukentje waar onze vrijwilligers koffie en thee kunnen zetten. Zelfs in de grote kelder is er nu verlichting zodat het gedoe met zaklampen verleden tijd is. De westelijke kelder blijft voor het publiek gesloten. Aan de beurt is nu de opbouw van het zogenaamde Treibhaus. Dit is destijds door de Jezuïetenorde gebouwd en waarschijnlijk als kweekkas gebruikt. Als dit af is kunnen de vrijwilligers hier bij regen onderdak vinden. Vervolgens zullen nu de resterende muurrestanten worden bedekt met sedum. Men hoopt hiermee verdere afbrokkeling van de toplagen tegen te gaan. We zijn nog niet echt tevreden met de huidige resultaten, wellicht moet er nog een en ander worden aangepast. Tevens is de hoogbejaarde haagbeukberceau rigoureus aangepakt. Er was geen keuze, óf helemaal weghalen en nieuw planten óf het erop wagen door een zeer ingrijpende snoei in de hoop dat alles opnieuw uitslaat. Het laatste had de voorkeur dus wachten we af; dit wordt wel heel erg spannend. Het theehuisje heeft momenteel – wegens geldgebrek – geen prioriteit.
Helaas is de tijd aangebroken dat de Stichting Kasteelruïne Bleijenbeek zich terug trekt. De stichting heeft alle doelstellingen bereikt die men voor ogen had. Deze mensen hebben iets geweldigs tot stand gebracht. Huize Bleijenbeek is weer in ere hersteld. Het gebouw blijft dankzij hen tot in de verre toekomst voor iedereen toegankelijk. Bij aanvang, omstreeks 2012, stond er een hoop stenen, die nog bijeen werden gehouden door dikke lange lianen klimop. Boven op de muren groeiden zelfs berken en taxussen. Er lag puin, overal meters puin!!! Zelfs Hercules zou de moed in zijn sandalen zijn gezakt als Bleijenbeek één van zijn 12 werken was geweest, vergeleken met dit is het reinigen van de Augiasstal een peulenschil. Maar de SKB (Stichting Kasteelruine Bleijenbeek) kreeg het voor elkaar! Tegenwoordig is het Huis weer het toonaangevende landmark in de omgeving, vanuit de verre omgeving is de toren weer zichtbaar. Als een vinger die een ieder wenkt om te komen kijken naar de geheimzinnige schoonheid van het eeuwenoude kasteel. De aantrekkingskracht van het oude meisje is onweerstaanbaar!
De beslissing om het over te dragen aan het Limburgs Landschap was een noodzakelijke maar vooral een goede en verstandige keuze. Bleijenbeek heeft toch continu verzorging nodig en dat is bij het Landschap gewaarborgd. Onze beheer/groenwerkgroep, ooit opgericht onder de paraplu van de Dorpsraad, draagt zorg voor het onderhoud van het ruïneterrein maar ook binnen de ruïne zijn onze vele gedreven Offerse vrijwilligers alert en actief met onderhoudswerkzaamheden bezig. (Momenteel bestaat de groep uit 15 personen en werken we gemiddeld één halve zaterdag in de 4 à 6 weken; geïnteresseerden zijn natuurlijk van harte welkom. Aanmelden kan via de Dorpsraad Afferden.)
Terwijl ik het terrein afloop voel ik de ogen in mijn rug prikken. Langzaam draai ik me om, in de hoop een glimp van haar op te vangen, maar de beelden zijn diffuus, veelkleurig, alsof ik in een andere dimensie kijk. Vreemd, beetje luguber om te bedenken dat ik ooit gast aan tafel mag zijn bij dit illustere gezelschap. Op dat moment voel ik een warme streling die me in vuur en vlam zet terwijl een zachte stem liefdevol fluistert: “we zien elkaar snel, mijn lief”.
Toen, beste vrienden, kreeg ik pas echt de koude rillingen.

Tot de volgende blik en… blijf gezond.

Henk Hendriks

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.