1910 – 1919

Steenfabriek en villa Angelbeck

De maasklei is zeer geschikt voor de vervaardiging van stenen. Vandaar dat Sjang Clevers de steenfabriek in Heukelom bouwt. Zo ontstaat er werkgelegenheid voor de bevolking in Afferden en omgeving. Het lijkt erop dat de zaken goed gaan, want Sjang Clevers bouwt in die tijd ook huize Angelbeck, in de volksmond “de villa”.dorpsarchief_villa_angelbeck_1919De voorspoed is van korte duur. In 1924 wordt het faillissement van de steenfabriek op naam van J. Clevers-Hohnrath, de vrouw van Sjang Clevers, uitgesproken. De fabriek wordt overgenomen door de heren Boerland en Van de Kun en voortgezet onder de naam “Nuance”.

Het is niet duidelijk wat de bestemming van het huis de jaren daarna is geweest. In 1931 breekt brand uit in de villa en deze brandt geheel uit. Enige tijd later staat een koopman uit Voorburg, sedert enkele jaren eigenaar van “Slot Angelbeck” zoals dit in de krant wordt genoemd, voor de rechtbank terecht wegens uitlokking tot brandstichting. Er is waarschijnlijk sprake van verzekeringsfraude. De krant meldt in datzelfde jaar: “De afgebrande villa “Angelbeck” zal opgebouwd worden door de aannemers Verstegen en Van Oijen, alhier …”. In de loop der jaren zijn er verschillende plannen voor het pand: landbouwschool, ambtswoning voor de burgemeester en ontspanningsoord “… in den geest als hotel “De Plasmolen””. Geen van de plannen wordt echter uitgevoerd en het pand staat lange tijd leeg.

Sjang Clevers blijft in Afferden wonen en is jarenlang prominent (bestuurs)lid van de fanfare en ook wethouder van de gemeente Bergen (1922-1935). Het echtpaar heeft blijkbaar geen kinderen (naar verluidt alleen een aangenomen dochter) en Maria Hohnrat zet zich in voor buitenlandse kinderen. In 1924 wordt zij daarvoor door de Oostenrijkse regering onderscheiden met het ereteken van het Rode Kruis.

Als Afferden en omgeving in het najaar van 1944 in de frontlinie komt te liggen en vanaf de overzijde van de Maas onder vuur wordt genomen, wordt de villa verwoest. Zo komt een einde aan een relatief kort en onfortuinlijk bestaan van dit imposante bouwwerk. Sjang Clevers en zijn vrouw komen in oktober 1944 door oorlogsgeweld om het leven. Zij wonen dan in Venray, maar overlijden in Venlo, wellicht in het ziekenhuis aldaar. Sjang overlijdt op 13 oktober 1944 en zijn vrouw kort daarna op 24 oktober. In de overlijdensakte wordt het beroep van Sjang Clevers aangegeven: crisis-ambtenaar.

Alleen vier pilaren van de toegangsweg herinneren aan het verleden en rond 1958 wordt op deze plaats een boerderij gebouwd. In 2015 komen de pilaren nog in het nieuws als deze moeten worden verplaatst voor de aanleg van een nieuw fietspad.

Op de foto uit 1919 villa Angelbeck met in de inzet Sjang Clevers en zijn vrouw in de tuin van de villa.

FacebooktwitterFacebooktwitter

‘Bondshotel’ a/d Dorpsstraat in 1910

Op de foto uit 1910 het “Bondshotel” aan de Dorpstraat op de plaats van het latere hotel de Sleutels.dorpsarchief_bondshotel_1910Het “Bondshotel” (door ANWB erkend hotel) is eigendom geweest van Johannes Mathias Hubertus Clevers en Alberdina van Soest. Johannes Clevers wordt geboren in Afferden in 1850 en trouwt in 1885 met Alberdina van Soest uit Broekhuizen. In 1886 wordt hun eerste kind geboren, Petrus, Johannes, Hubertus, roepnaam Sjang.

Johannes Clevers is een prominent persoon, hij is o.a. koster, wethouder (1884-1894 en 1904-1909) en president van de Boerenbond. Hij overlijdt in 1909. Na zijn overlijden zet zijn weduwe het hotel voort, getuige ook de benaming op deze ansichtkaart. We zien haar links op de foto.

Zoon Sjang, in de huwelijksakte aangeduid als “manufacturier”, trouwt in 1912 met Maria Hohnrath uit Keulen. Naar verluidt aan het einde van de Eerste Wereldoorlog richt Sjang Clevers in Heukelom steenfabriek “St. Antonius” op en bouwt hij villa Angelbeck. Rond 1918 verlaat de familie Clevers het hotel aan de Dorpsstraat dat in 1920 wordt overgenomen door de familie Van de Plas en later de familie Van Wylick.

FacebooktwitterFacebooktwitter

Kermis in 1910

dorpsarchief_kermis_1910Een foto van een gezelschap tijdens de Afferdse kermis van 1910 voor café ’t Zwaantje aan de Dorpsstraat.

FacebooktwitterFacebooktwitter

De Eerste Wereldoorlog 1914 – 1918

mobilisatie afferden
De foto is genomen ter hoogte van de huidige cafetaria in de Dorpsstraat.
Foto: collectie Jacques van Dijck Heijen

In 1914 brak de Eerste Wereldoorlog uit. De eerste grote moderne oorlog met alle verschrikkingen van dien. Omdat Nederland neutraal was, bleven in ieder geval de gruwelijkheden ervan de bevolking bespaard. De oorlog had echter wel een algemene mobilisatie (afgekondigd op 1 augustus 1914) en een versterkte grensbewaking tot gevolg.

Voor Afferden en omgeving betekende de nabijheid van de grens enerzijds de aanwezigheid van veel militairen, zoals we op een aantal ansichtkaarten uit die tijd zien. Anderzijds bood de grens veel mogelijkheden tot (illegale) handel. In Duitsland was grote behoefte aan levensmiddelen. En ondanks dat de grensbewaking flink werd opgevoerd, werd op grote schaal smokkel bedreven. De handel betrof boter, meel, rundvee en vooral paarden. In materieel opzicht is de periode 1914-1918 voor de bevolking dan ook niet zo’n slechte tijd geweest. In de verslagen van de gemeente over die periode is met betrekking tot het armwezen dan ook opgetekend: “Het aantal bedeelden is verminderd doordat er meer verdiend werd onder de behoeftige klasse.”

De oorlog had ook invloed op de Afferdse dorpsgemeenschap en in het oude notulenboek van de fanfare zien we dat er een onderbreking van ongeveer 3 jaar was. De oorlog is nog lang niet ten einde, maar op zondag 7 juli 1917 wordt een poging gedaan de activiteiten te hervatten:

Omstreeks zes uur opent de voorzitter de vergadering en spreekt het, alhoewel kleine aantal aanwezige een hartelijk welkom toe. Daarna spreekt de voorzitter enkele woorden over de toestand waarin onze fanfare zich thans, na ongeveer drie jaren mobilisatie, waardoor een groot aantal leden dientengevolge in militairen dienst moest, zich bevindt.

Daar de meeste dezer leden thans weer met onbepaald klein verlof zijn, acht de voorzitter het oogenblik gekomen om de belangen der fanfare met ijver te behartigen. Want, zegt spreker, zooals het verreweg de meeste verenigingen is gegaan is, zoo is het ook met onze fanfare gegaan, namelijk gedeeltelijk in verval geraakt.

De voorzitter hoopt dat door flinke samenwerking der leden, de vereniging weer spoedig op haar standpunt van voor de mobilisatie zal zijn teruggebracht.

Daarna worden de notulen der vergadering van zondag 14 juni 1914 voorgelezen, welke worden goedgekeurd.

FacebooktwitterFacebooktwitter

Beugelbaan, danszaal Raijmakers 1913

Dorpsarchief Beugelbaan Raijmakers 1913Een oud notulenboek van fanfare Helpt Elkander meldt in oktober 1907 dat wordt besloten “den heer Piet Raijmakers, locaalhouder, eenen zaal te laten bouwen, op de voorwaarden door den secretaris voorgelezen, deze zijn:

Voorwaarden voor het bouwen van eenen zaal door den heer P. Raijmakers herbergier te Afferden:

  1. Als de vereeniging meer dan vijftig leden telt krijgt zij van den locaalhouder voor ieder lid zestig centen, telt zij minder of vijftig leden dan krijgt de vereeniging dertig gulden per jaar.
  2. Als er uitvoering gegeven wordt zijn de dranken altijd voor den locaalhouder en den entree voor de vereeniging behalve met de a.s. kerstmis en zondag daarna, dan is de helft der dranken voor de vereeniging en de andere helft voor den locaalhouder.
  3. De locaalhouder mag geen komiekeling, tooneelspelers of dergelijken in zijn locaal laten spelen dan met goedvinden van het bestuur.
  4. Het staat hem echter vrij met de kermisdagen, zijnde kermiszondag uitgezonderd, muzikanten te laten speelen voor dansmuziek.”

Tijdens de vergadering van zondag 1 december 1907 wordt aangekondigd dat de nieuwe zaal wordt ingewijd waarbij de leden op “eene halve ton bier” zullen worden getrakteerd.

Piet Raijmakers was de broer van Wim Raijmakers. Deze laatste werd “d’n Dikke” genoemd – waarmee tevens het café werd aangeduid – en is de overgrootvader van de huidige “locaalhouder”.

Het is waarschijnlijk de zaal op deze foto die in 1913 in het sporttijdschrift Revue der Sporten verscheen. Vanaf de Dorpsstraat keek je door de hoge ramen aan de zijkant naar binnen.

FacebooktwitterFacebooktwitter

De tram

Voor zover bekend zijn er geen foto’s van de tram in Afferden. Om een idee te krijgen hoe dit eruit zal hebben gezien hier een fotomontage van de tram in de Dorpsstraat bij de halte bij het vooroorlogse hotel De Sleutels.

Isolement
Eeuwenlang maakte Afferden in kerkelijk en staatkundig opzicht deel uit van een gebied dat tot ver in het huidige Duitsland reikt. Toen na de Franse tijd in 1815 een nieuwe grens op een afstand van een kanonschot tot de Maas werd bepaald, raakte Afferden en omgeving door de ligging tussen Maas en grens in een isolement. Dit is waarschijnlijk een grote beperking geweest voor de ontwikkeling van deze streek.

Spoorlijn Nijmegen – Venlo
Eind 19e eeuw werden plannen gemaakt voor een spoorlijn tussen Nijmegen en Venlo. In 1875 heeft de gemeenteraad van Bergen daarom bij de minister van Binnenlandse Zaken ervoor gepleit dat deze spoorlijn op de rechtermaasoever zou komen. Dit zou van groot belang zijn voor de gemeente en haar inwoners.

Bij de uiteindelijke keuze van het tracé op de westelijke maasoever heeft het oordeel van de minister van oorlog de doorslag gegeven. Hij was van mening dat bij een aanval uit het oosten de Maas de eerste verdedigingslinie zou zijn. In 1883 is de trein gaan rijden op de nieuwe spoorlijn Nijmegen – Venlo.

De tram
Rond 1910 bood zich een alternatief aan: de aanleg van een tramlijn. In het voorjaar van 1912 is de MBS (Maas Buurt Spoorwegmaatschappij, opgericht op 28 december 1911) begonnen met de aanleg van de tramlijn.

Op 31 mei 1913 is de lijn feestelijk geopend. In de Maas- en Niersbode schreef de historicus A.F. van Beurden destijds:

Wij staan in Limburg aan den vooravond van een groote gebeurtenis, van een feit, dat een geheele omwenteling zal brengen in het leven en het verkeer van een groote streek van ons gewest. De Maas-Buurtspoorweg zal leven brengen in de afgesloten streek, hij zal welvaart brengen voor boer, veehouder en ontginner, gemak en voordeel aan burger en stedeling.

De tram als waardevolle aanwinst
Vanaf 1913 heeft de tram voor alle plaatsen, gelegen aan de lijn Venlo – Nijmegen, voorzien in een grote behoefte. Er is een veelvuldig gebruik gemaakt van de tram ook al deed deze er bijna vier uur over om de afstand van Nijmegen naar Venlo of omgekeerd af te leggen. De maximale snelheid van de tram was bepaald op 35 kilometer per uur. Niet alleen voor het personenvervoer maar ook voor het transport van goederen was de tram een uitkomst. Hiervan profiteerden o.a. de boerenbonden, die hun pakhuizen hadden gebouwd nabij de tramlijn. Verder was er tweemaal per dag postvervoer per tram.

Het trieste einde van de tram
In de crisisjaren na 1929 deelde ook de MBS in de algemene malaise. Evenals elders in ons land werd vanaf de jaren twintig de auto in toenemende mate een concurrent van het trambedrjf.

Ook voor de MBS is de Tweede Wereldoorlog een trieste periode geweest. Aanvankelijk is het reizigersvervoer per tram sterk toegenomen maar door gebrek aan voldoende materiaal en brandstof werd de dienstverlening steeds meer gehinderd. De genadeslag kwam in de laatste oorlogswinter 1944-1945. Toen is onherstelbare schade aan lijnen en aan rollend en ander materiaal toegebracht. Dit betekende het einde van de tramverbinding Nijmegen – Venlo. De laatste trams hebben gereden in het najaar van 1944. In juli 1945 heeft de MBS het personenvervoer uitsluitend met autobussen hervat.

De tram in Afferden
De tram is dus ook voor Afferden van grote betekenis geweest. Voor de aanleg ervan waren er nauwelijks vervoersmogelijkheden en was het niet ongebruikelijk te voet naar bijvoorbeeld Nijmegen te gaan. In een gesloten gemeenschap als in Afferden was de tram ook van invloed op het sociale leven. Zo werd weleens verteld dat als iemand hier uit de tram stapte binnen zeer korte tijd iedereen in het dorp wist wie het was en wat hij of zij hier kwam doen.

FacebooktwitterFacebooktwitter

Hotel De Sleutels met tramhalte 1916

Een foto uit 1916 met rechts het pand van het vooroorlogse hotel De Sleutels. Het enige nog herkenbare huis is rechts daarachter waar nu de bank gevestigd is. Vroeger was hier de bakkerij en de winkel van Crommentuyn.

Zoals op de foto is te zien was hier de halte van de in 1913 aangelegde tramlijn Nijmegen – Venlo.

Foto: collectie Sjaak van Dijk, Heijen

FacebooktwitterFacebooktwitter

Gezicht op Afferden rond 1910

Een gezicht op Afferden rond 1910 vanaf het winterbed van de Maas met de weilanden van de Heerenwaard.

De foto is gemaakt op de plaats waar vóór 1400 het kasteel “Huis Afferden” was gesitueerd. Volgens in 1913 uitgevoerd onderzoek bestond het complex uit een burcht en een voorburcht omgeven door een gracht. Deze gracht stond in verbinding met de Eckeltse Beek die hier toen stroomde, zoals op de foto te zien is. In die tijd waren de contouren van het kasteel nog in het landschap zichtbaar.

FacebooktwitterFacebooktwitter

’t Rimpelt tijdens mobilisatie 1914-1918

Tijdens de mobilisatie 1914-1918 zijn van Afferden vele ansichtkaarten gemaakt. Op deze ansicht ’t Rimpelt met rechts de molen, gebouwd in 1886, en links de toenmalige woning van de familie Giepmans.

Op oude landkaarten wordt deze weg aangeduid als ‘Grindweg’, ‘Het Rempeld’, ‘Weg van Afferden naar Goch’.

Wegen zoals deze van Afferden naar de grensovergang Gaesdonck zijn midden 19e eeuw met steun van rijk en provincie aangelegd. De aanleg en verbetering van wegen beperkte zich in die tijd tot het aanbrengen van een kiezellaag. Met een lengte van 8 kilometer was dit het grootste project van het gemeentelijk wegenplan. De weg is in 1859 voltooid.

FacebooktwitterFacebooktwitter

De Paradijszaal van kasteel Bleijenbeek

De Paradijszaal van kasteel Bleijenbeek is genoemd naar de figuren van Adam en Eva die in de schouw zijn verwerkt. De bovenkanten van de wanden en de zijkanten zijn betimmerd met profileringen die zijn versierd met wingerdranken en voorstellingen betreffende de jacht.

In het eerste middenveld staat het jaartal 1694 vermeld en zijn de vier werelddelen uitgebeeld.

In het najaar van 1944 heeft het gezin van rentmeester Groetelaars toevlucht gezocht in het kasteel. Gezinsleden schrijven in hun oorlogsdagboeken dat zij in de Paradijszaal verblijven en er staat een bed voor de ouders en de kinderen slapen op bijeen geschoven fauteuils.

FacebooktwitterFacebooktwitter