Blik op Bleijenbeek – februari 2021

“Even een blik opentrekken”. Meestal doe ik dit als ik dorst heb of (zoals nu) als er weer iets te melden valt over ons prachtig kasteelrestant Bleijenbeek. Kasteelrestant, ik vind het geen mooi woord en ik ga het ook niet gebruiken; toch is dit de officiële ambtelijke benaming vanwege het feit dat Bleijenbeek in de ogen van de overheid geen echte ruïne is waar alleen de fundering nog zichtbaar is. Hier zijn duidelijk, en gelukkig ook maar, veel restanten overeind gebleven zodat deze benaming eigenlijk wel terecht is.
Onlangs heb ik, als coördinator van de vrijwilligerswerkgroep, overleg gehad met degene die namens Het Limburgs Landschap verantwoordelijk is voor de verdere toekomst van Bleijenbeek. Terwijl we rondliepen op het terrein deelde hij zijn visie gericht op behoud en beheer van de ruïne en het terrein.
Na het gereedkomen van de prachtige nieuwe brug is het de bedoeling dat er een toiletgroep(je) komt in het voorportaal van de kelder. De groep wordt zo gesitueerd dat onze vleermuizen en andere bewoners er geen last of hinder van hebben. Ook is het de bedoeling dat hier iets gecreëerd wordt waar vrijwilligers een kop koffie of thee kunnen zetten. Tengevolge van deze maatregelen worden er in dit keldergedeelte (voor de kenners: de oostelijke kelder (paviljoenzijde)), extra poorten gemonteerd zodat ongewenste bezoekers geen toegang hebben.
Vervolgens gaat men het zogenoemde Treibhaus (Orangerie) van de Jezuïten weer gedeeltelijk herbouwen, zodat bezoekers eventueel kunnen schuilen bij slecht weer. Ook handig voor alle vrijwilligers die hier kunnen pauzeren of vergaderen. En het theehuisje dan? Ook dat gaat er ooit van komen, maar dan is er wel extra geld nodig. De hierboven beschreven plannen zijn al heel kostbaar, net als de brug, maar wat in het vat zit verzuurt niet! Misschien heeft één van u wat geld over om dit te financieren. Als dit zo is: laat maar weten!
Dan zijn er ook nog behoorlijk wat kleine noodzakelijke ingrepen nodig in het kasteelgebouw zelf. Natuurlijk weet iedereen dat je daar nooit van af komt, maar nu blijkt toch wel duidelijk dat ingrijpen niet te lang op zich moet laten wachten. De bovenkant van de muren moeten beter beschermd worden tegen de invloed van hemelwater. Het idee is om de hoge muren met lood te bedekken en de lagere muurgedeeltes te voorzien van een speciale kleisubstantie met daarop een sedum-begroeiing. (Hier heb ik eerder over geschreven).
Ook wil men zich richten op meer biodiversiteit; daarom zal op bepaalde plekken minder gemaaid worden zodat wilde planten een kans krijgen om tot ontwikkeling te komen.

In het verleden gonsde het op het kasteelterrein van de insecten, zelfs de muren zaten vol met metselende wilde bijtjes. Ook krioelde het van de vlinders zoals diverse soorten Blauwtjes, Parelmoervlinders en natuurlijk ontelbare Koevinkjes en Zandoogjes. Mijn lievelingsvlinder de Argusvlinder vloog hier jaren rond. Allemaal weg!!!
Bleijenbeek was een waar insecten-eldorado en ik ben ervan overtuigd dat we met de juiste methodes dit weer terug kunnen krijgen!

Eén klein warmgroen ideetje mag ik wel verklappen: er wordt gedacht tegen de muren van het kasteel botanische klimrozen te plaatsen zodat Bleijenbeek nog kleurrijker wordt. Stelt u zich eens voor: ’s zomers de ruïne verpakt in heerlijk geurende rozen. Wie wordt hier niet blij van?

Het idee dat Bleijenbeek in goede Limburgslandschappelijke handen is stemt mij tevreden. Ook voor het Limburgs Landschap is het erg belangrijk dat Bleijenbeek behouden blijft zoals het nu is. Maar niet alles kan in één keer, wat natuurlijk iedereen kan begrijpen.
Daarmee wil ik niets afdoen aan de inspanningen verricht door de Stichting Kasteelruïne Bleijenbeek, want per slot van rekening hebben zij er voor gezorgd dat Bleijenbeek erbij ligt zoals het nu is. De stichting heeft fantastisch werk geleverd (en nog steeds), maar zij kunnen geen garantie geven voor de toekomst van Bleijenbeek en deze toekomst is wel verzekerd bij de nieuwe pachter: Het Limburgs Landschap. Het Landschap heeft meer kastelen en monumenten in eigendom en derhalve veel ervaring in behoud en beheer. Dat merkte ik ook toen we hier rondliepen en de deskundige me wees op zo’n 30 punten die nog aangepakt moeten worden om de toekomst zeker te stellen opdat latere generaties ook nog van Bleijenbeek mogen en kunnen genieten.

Jullie vragen je misschien af of ik Maarten nog gesproken heb en hoe hij denkt over al die plannen? Ik ben ervan overtuigd dat ie het allemaal geweldig vindt, want elke ingreep ter verbetering van zijn Blienbeck emotioneert hem en maakt hem “bleij”.
Trouwens, de laatste keer toen ik hem sprak, beloofde hij me te vertellen over één van zijn meest geslaagde listen die de Spanjaarden heel veel geld hebben gekost en tot grote woede hebben gebracht. Hij lachte, denkend aan die herinnering, er uitbundig bij. Hij noemde het gekscherend: “den souten inval”.
Maar dat zit nog even in het volgende blik.


Henk Hendriks
En…blijf allemaal gezond!


Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

:-( 
:wave: 
:hello: 
:perfect: 
:wink: 
:-) 
:clown: 
:bouncey: 
:tongue: 
:rose: 
:blush: 
:biggrin: 
:cool: 
:cry: 
:kiss: 
:laugh: 
:notgood: 
:look: